Zonder registratie

Ontdek in 5 minuten wat voor persoonlijkheid je bent en welk beroep bij je past

Ontdek in 5 minuten wat voor persoonlijkheid je bent.

Klaar in een paar minuten · 24 tests op één plek

Klaar in een paar minuten · 24 tests op één plek

Startpagina / Gids / Relaties en communicatie / Humor in je relatie: waarom samen lachen zoveel zegt
Relaties en communicatie

Humor in je relatie: waarom samen lachen zoveel zegt

Binnenpretjes en gedeelde lach zeggen meer dan een goede clou. Waarom gelijktijdig lachen niet te veinzen is en wat het over jullie relatie verraadt.

Bram en Eva hebben een zin tussen hen in, “nog één bocht”, waar ze allebei feilloos om moeten lachen. Hij komt van een tocht waarop ze in de heuvels verdwaalden en drie keer bij hetzelfde bruggetje uitkwamen. Wie er verder aan tafel zit, hoort drie doodgewone woorden en kijkt niet-begrijpend om zich heen.

Een binnenpretje lijkt een kleinigheid en is toch de dichtste vorm van gedeeld geheugen die een stel kan hebben. In één zin past een hele dag, het precieze weer, de precieze ruzie en ook hoe die afliep. Stellen die er veel van hebben, zijn daarbij meestal niet grappiger dan anderen. Ze hebben alleen meer dingen samen meegemaakt die het waard waren om een naam te geven.

Wat er gebeurt als twee mensen tegelijk lachen

Laura Kurtz en Sara Algoe volgden in 2015 stellen tijdens een gesprek, en één ding interesseerde hen: hoe vaak ze allebei op hetzelfde moment lachten. Het ging er niet om wie van de twee grappiger is. Het ging om de overlap. Stellen bij wie gedeelde lach vaker opdook, omschreven hun relatie als beter en voelden zich dichter bij hun partner.

Daar hoort wel de tweede helft van de zin bij, die populaire artikelen graag weglaten. Dit is een samenhang, geen handleiding. Uit het feit dat tevreden stellen meer lachen, volgt niet dat een relatie wordt gerepareerd zodra je jezelf tot lachen dwingt. De omgekeerde volgorde kan net zo goed kloppen: samen lachen doen de mensen die het samen goed hebben. Waarschijnlijk werkt het beide kanten op, en is lachen vooral een meter en geen hefboom.

Juist daarom is het bruikbaar. Een meter kun je onderweg aflezen, zonder het gesprek over de relatie waar de meeste mensen liever omheen lopen.

Op het woord tegelijk rust meer gewicht dan het lijkt. Twee mensen die in dezelfde seconde in de lach schieten, hebben dezelfde situatie hetzelfde ingeschat, even snel en zonder overleg. Het is een klein bewijs van een gedeelde blik op de wereld en het valt niet te veinzen: een beleefde glimlach kun je opzetten, gedeelde timing niet.

Robert Provine, die het lachen in gewone gesprekken observeerde en zijn conclusies in een boek uit 2000 bundelde, voegde er twee bevindingen aan toe die het gangbare beeld omkeren. Lachen is in gezelschap ongeveer dertig keer waarschijnlijker dan alleen. En de meeste lach volgt helemaal niet op een grap, maar op een volstrekt gewone zin van het type “nou, ik ga maar eens” of “zie je wel”.

Voor een stel volgt daar iets onverwachts uit: de kwaliteit van de humor is bijna bijzaak. Lachen met z'n tweeën is geen beloning voor een goede clou, het is het geluid waarmee mensen elkaar bevestigen dat ze op dezelfde golflengte zitten. Daarom lach je thuis het hardst om dingen die je aan niemand zou kunnen navertellen zonder er onnozel bij te staan.

Robin Dunbar liet met zijn team in 2011 zien dat de pijngrens stijgt nadat mensen samen hebben gelachen, en de verklaring wijst richting endorfine. Lachen werkt dus niet als recensie van de grap, maar als instrument van sociale binding, zoiets als het wederzijdse vachtverzorgen bij primaten, alleen bruikbaar op meer mensen tegelijk.

Een thermometer die daalt voordat de woorden opraken

Als een relatie stroef gaat lopen, blijft het woordverkeer nog lang onveranderd. De boodschappen komen nog steeds ter sprake en er meldt nog steeds iemand wie vandaag de kinderen ophaalt. Er verdwijnt iets anders, iets onopvallenders: de opmerking tijdens het koken, het zinnetje over het weer, de grimas over het aanrecht heen. De overbodige laag gaat als eerste, omdat niemand erom vraagt en niemand hem meteen mist.

De reden is prozaïsch. Lachen heeft een losgelaten lichaam nodig en op zijn minst even het gevoel dat er niets op komst is. Wie op scherp staat, lacht niet, hoe graag hij ook zou willen.

Bram merkte het aan een onbenulligheid. Eva stuurde hem geen foto's met absurde onderschriften meer, iets wat ze tot dan toe meerdere keren per week deed en waarover tussen hen nooit een woord was gevallen. Ze maakten intussen even vaak ruzie als daarvoor, misschien zelfs minder. Er was iets afgenomen wat geen van beiden kon benoemen totdat één van hen het opmerkte.

Stel jezelf daarom een andere vraag dan “maken we te veel ruzie?”. Ruzies komen en gaan en zeggen op zichzelf bijna niets. Interessanter is of er tussen jullie nog iets nieuws ontstaat om om te lachen, of dat jullie leven van verhalen die vijf jaar geleden zijn verzameld.

Als ieder een ander register meebrengt

Humor wordt tegenwoordig meestal beschreven met vier stijlen die voortkomen uit het onderzoek van Rod Martin uit 2003. Ze staan op twee assen: de toon kan vriendelijk of scherp zijn, en de richting wijst naar anderen of naar jezelf. Daaruit ontstaan de verbindende stijl (academisch affiliatief), de zelfversterkende, de scherpe en de zelfspottende, en stuk voor stuk worden ze uit elkaar gehaald in het overzicht van de vier humorstijlen. De assen staan los van elkaar, dus niemand is er maar één van, iedereen draagt zijn eigen mengsel.

Met z'n tweeën ontmoeten die mengsels elkaar en ze zijn zelden gelijk. Hier zijn vier combinaties die in huishoudens het vaakst opduiken, met wat ze aanrichten.

Combinatie met z'n tweeën Waar ze goed in is Waar het schuurt
Twee verbindende De minste wrijving van alle paren. Uit vrijwel elk weekend komt een gezamenlijk verhaal. Een serieus onderwerp gaat traag open. Allebei wachten ze tot de ander het gewicht verlicht, dus zwijgen ze.
Verbindend en scherp Voor de omgeving een vermakelijk stel: de een levert vaart, de ander de rand, en hun avonden hebben tempo. Het verschil komt bij vermoeidheid boven. Een als kruiding bedoelde opmerking landt bij iemand die mildheid nodig had.
Twee scherpe Vuurgevecht als vorm van nabijheid. Er is niets kwaad bedoeld, en voorzichtig aaien zou hen vervelen. Niemand houdt de rem vast. In een conflict schakelt het register niet om en worden de steken de munt.
Zelfversterkend en zelfspottend Rust in huis. De een maakt de afstand zelf, de ander maakt van eigen missers verhalen. Naar buiten komt bijna niets. Ieder verwerkt het zware op eigen houtje en de partner hoort het laat.

Dacher Keltner en zijn collega's beschreven plagen in 2001 als een sociaal spel met eigen regels. Tussen mensen die elkaar vertrouwen versterkt het de band, omdat er onder de oppervlakte de boodschap in zit dat we zo dicht bij elkaar staan dat dit kan. Zonder dat vertrouwen kwetst dezelfde zin en verschuift plagen ongemerkt naar pesten, ook al was hij precies zo bedoeld.

Doorslaggevend zijn dus dosis en timing, niet de inhoud van de grap. Eén en dezelfde opmerking kan de eerste keer precies raak zijn en de tweede keer pijn doen zonder dat er één woord aan veranderd is. Wat veranderd is, is de dag van degene die hem hoort. Een scherp register is daarom niet slechter dan een vriendelijk, het vraagt van zijn eigenaar alleen meer inschatting.

De geschreven vorm is hierin verraderlijker dan een gesprek. In een berichtje ontbreken de toon en het gezicht, dus verliest ironie precies het merkteken waaraan je ziet dat het geen aanval is. Een zin die aan tafel als plagerij zou passeren, komt op de telefoon binnen als beschuldiging, en de ander leest hem ook nog drie keer over. Wie thuis het scherpere register heeft, bespaart zichzelf met één toegevoegde halve zin een hoop uitleg.

Aan het begin van een relatie heeft humor bovendien een andere taak dan na tien jaar. Dan werkt hij als filter en visitekaartje, wat de tekst over humor bij daten uit elkaar haalt. Later verandert de vraag: het gaat niet om de vraag of je je partner kunt vermaken, maar of jullie op hetzelfde moment dezelfde stemming weten te raken.

Humor die een relatie schade doet

De eerste valkuil is sarcasme in een ruzie. Sarcasme zegt het ene en bedoelt het andere, dus het geeft een conflict extra werk mee: de ander moet eerst ontcijferen wat je nou eigenlijk bedoelde en kan pas daarna op de inhoud reageren. In een rustig gesprek is dat kruiding, in een conflict een klap, waarna het over die klap gaat en niet meer over het oorspronkelijke onderwerp. Waar de grens loopt tussen ironie die vermaakt en venijn dat kwetst, haalt een aparte tekst over sarcasme en ironie uit elkaar.

John Gottman beschreef bij zijn jarenlange observatie van stellen dat van alles wat in een ruzie te volgen valt, een breuk het sterkst wordt aangekondigd door minachting. Sarcasme op zichzelf is geen minachting. Het is wel een register waarlangs je er in kleine stappen kunt belanden: eerst de venijnige opmerking, dan het venijn met rollende ogen, dan de toon waarin doorklinkt dat de ander er volledig naast zit.

De praktische regel is saai en werkt. Zolang het conflict loopt, gaat de humor opzij, en verlichting heeft pas zin als slotpunt, niet als argument halverwege. Hoe je een conflict kunt voeren zodat er iets wordt opgelost, beschrijft de tekst over conflicten oplossen, en bijna alle daar beschreven werkwijzen hebben één ding gemeen: eerst wordt de inhoud afgesproken en pas daarna komt de opluchting.

De tweede valkuil is onopvallender en vangt juist de mensen met het vriendelijkste register. Eva begint te vertellen dat er op haar werk iets vervelends speelt. Bram heeft een goede opmerking op zijn tong, hij zegt hem, ze lachen allebei en het onderwerp is weg. Niemand heeft iemand gekwetst, alleen begint Eva er de volgende keer niet meer over.

Een grap in plaats van een antwoord is de beleefdste manier die er bestaat om iemand niet te horen. Een eenvoudige volgorde helpt: eerst de reactie op wat er gezegd is, en pas daarna de overdrijving. Verlichting die twee minuten later komt, verliest helemaal niets, terwijl de voorbarige variant het hele onderwerp meeneemt.

Zijn prijs heeft ook zelfspot, hoe onschuldig die er ook uitziet. Naast iemand die vooral zichzelf tot mikpunt maakt, voelt niemand zich klein, en dat is in een relatie zeldzaam. Tegelijk valt bij zo iemand moeilijk te merken wanneer het echt niet goed gaat, omdat ook dat als anekdote naar buiten komt. Het onderzoek naar deze stijl voegt eerlijk toe dat hij samen pleegt te gaan met een lager persoonlijk welbevinden. Dat is geen diagnose en geen voorspelling, alleen een samenhang die het opmerken waard is.

Hoe kom je erachter wat jullie thuis hebben

De inschatting van je eigen register zit in beide richtingen mis. Wie anderen plaagt, ziet zichzelf als iemand met relativeringsvermogen, en wie zichzelf klein maakt, noemt dat bescheidenheid. Een beschrijving van jezelf past beter als je hem in alle rust alleen leest dan wanneer iemand hem je midden in een ruzie voorschotelt.

Wil je een concreter beeld dan een indruk, doe dan ieder apart de humorstijlentest en wissel daarna de uitkomsten uit. Het interessante deel komt pas bij de vergelijking: meestal blijkt er één as te zijn waarop jullie dicht bij elkaar liggen en één waarop jullie verder uit elkaar liggen dan verwacht. Neem het als een globaal beeld en een gespreksonderwerp, niet als oordeel over wie van jullie grappiger is.

Bij het vergelijken betaalt één regel zich uit: lees de uitslag van de ander niet als aanklacht. Een humorregister is een gewoonte die ergens is geleerd waar hij loonde, meestal lang voordat jullie elkaar tegenkwamen, en met gewoontes valt te werken.

Nuttiger dan de naam van een stijl is toch een concrete afspraak. Kies één gebied waarop bij jullie thuis helemaal niet wordt gestoken, bijvoorbeeld uiterlijk, geld of de omgang met de ouders. Zo'n enkele zone doet meer met de sfeer in huis dan vijftig pagina's karakterbeschrijving.

Lachten jullie samen of naast elkaar?

Nu een vraag die alleen zin heeft als je hem eerlijk beantwoordt: wanneer hebben jullie voor het laatst samen gelachen? Niet wanneer jullie allebei in een goed humeur bij een serie zaten waarbij de lach door een derde werd geleverd. Wanneer jullie voor het laatst lachten om iets wat tussen jullie tweeën is ontstaan.

Dat verschil hoor je. Naast elkaar lachen is parallel verkeer, twee mensen reageren op dezelfde prikkel van buiten en zouden er met wie dan ook bij kunnen zitten. Samen lachen heeft aan beide kanten een auteur: de een zegt of doet iets, de ander pakt het op en legt er iets bij. De gedeelde lach uit het onderzoek van Kurtz en Algoe is precies dat tweede soort.

Let een week lang op één ding. Hoe vaak per dag je lacht om iets wat tussen jullie is ontstaan en niet op een scherm. Verander niets en verbeter niets, tel alleen. Bij de meeste stellen komt er een lager getal uit dan verwacht, en bijna altijd blijkt dat het niets te maken heeft met hoeveel ze van elkaar houden, maar met hoeveel minuten per dag ze samen doorbrengen zonder net iets te regelen.

Die zin over die bocht ontstond op een moment waarop Bram en Eva moe en hongerig waren en niet wisten hoe ze verder moesten. Binnenpretjes laten zich niet plannen. Wat wel kan, is het aantal situaties vergroten waarin ze de kans krijgen te ontstaan, en de meeste daarvan zien er van buitenaf behoorlijk saai uit.

Aanbevolen test

Probeer: Humorstijlentest

Waarmee vermaak je jezelf en anderen? Vier humorstijlen en jouw mix.

Start de test

Meer artikelen in de categorie Relaties en communicatie

We gebruiken cookies

Noodzakelijke cookies zorgen voor inloggen en betalen. Met jouw toestemming meten we ook het bezoek, zodat we weten wat we kunnen verbeteren. Privacybeleid